Amazing

 Zelf is ze weinig meer dan het merg en been waar haar stem dwars doorheen gaat. Frèle is het vriendelijke woord voor een postuur als dit. Zoals je haar vingers slank zou noemen, als ze niet zo deden denken aan de stokjes waarmee Hans en Grietje de heks wisten te misleiden.Trefzeker gaan ze over de toetsen en knoppen van haar accordeon.

Ze zingt alsof haar leven ervan afhangt. Misschien is dat ook wel zo. Op het plaveisel ligt een oude lamswollen pullover met klassiek ruitpatroon, zorgvuldig gedrapeerd en inmiddels bezaaid met muntgeld.

Uit de kelen van Simon and Garfunkel klinkt het Engelse volksliedje Scarborough Fair als zachtzoete kitsch, maar hier, in de onderdoorgang van het Rijksmuseum, maakt een anonieme straatmuzikante met het hart in de strot er kunst van zoals kunst is bedoeld. Waarna Amazing Grace dezelfde behandeling wacht. Mieke Telkamp zou zich van afgunst moeten omdraaien in  haar graf. De gewelven kaatsen de oerkracht dienstbaar terug. Alsof ze haar dankbaarheid wil tonen blikt de zangeres af en toe omhoog.

Applaus. ‘Wonderful!’, roept een Japanse toerist. Een jongetje heeft niet in de gaten dat zijn moeder al richting museumingang loopt. Ze moet hem twee keer roepen. ‘Finn!’ Tegen een pilaar staat een Ikea-tas met een viool. De bordeauxkleurige hoes oogt vrij nieuw. In haar jeans, t-shirt en gympen ziet de zangeres er sober maar net niet sjofel uit.

Een oudere heer in het publiek – dun grijs haar, beige zomerkostuum – popelt om haar aan te spreken. Steeds wanneer hij aanstalten maakt zet ze vriendelijk glimlachend een nieuw nummer in. Hij is gedistingeerd genoeg om dan weer een stapje terug te doen, maar ook voldoende vervuld van zijn eigen autoriteit om niet op te geven. Misschien denkt hij haar wel als een Edith Piaf van de straat te kunnen redden

Ik wil er geen getuige van zijn. Binnen wacht Rembrandt’s Joodse bruidje in haar fonkelnieuwe habitat.True love of mine. Ik steek over en kan nog net een luid bellende fietser ontwijken.

 

 

Laat wat van je horen

*